Categorieën
Verhalen van de berg

Hartverscheurend

Het was de week van Jeroen, mijn allerliefste neef die negen jaar geleden van een dak sprong. Voor bijna al mijn collega’s werd het de week van Sieb, een van de allerfijnste illustratoren, die anderhalve week geleden ‘het licht niet meer zag’. En toen kwam mijn jeugdheld Robin Williams er nog overheen. O captain! My captain…

Troost? Er is geen troost. Geen troost en geen logica. Tegen mijn neefje had je nog willen zeggen dat het beter zou worden. Hij was nog maar zo jong, zo’m domme puber die dacht dat de wereld mooier zou zijn zonder hem. Maar Sieb en Robin waren intens geliefd en succesvol, allebei in de fase van hun leven waarin je hoopt dat je eindelijk een beetje bevrijd bent van alle trivialiteiten, dat je al zo vaak voor die afgrond hebt gestaan – en dan toch maar weer verder.

Afgrond

‘We dansen allemaal rond de vulkaan,’  zegt een van mijn liefste vriendinnen altijd. Ik geloof dat ik dat eindelijk ook zie – daar heb ik wel flink wat jeugdige onaantastbaarheid voor van me af moeten schudden. Het maakt ook geen bal uit waar je woont. Zei ik laatst nog dat Montefrio de enig overgebleven veilige plek op aarde was? Terwijl ik dit schrijf zeurt op de achtergrond de zorg om een dierbaar iemand die hier om de hoek woont. Depressiviteit is een onbekend woord hier in het vergeten zuiden. Pas als als het gigantisch uit de klauwen loopt, word je afgevoerd, heel ouderwets, naar het gesticht. En ja, dat heb ik hier in het dorp óók zien gebeuren.

Koesteren. Omarmen. Beleven. Kijken in de afgrond – zelfs al is het die van anderen – verandert de intensiteit van je blik, je gehoor, het voelen. Ik. Ben. Hier. Nu. Met jou.
Ja, dat is óók heel eng.
De allermooiste zin sinds tijden (van fotograaf en journalist Jan Postma) las ik gelukkig ook deze week. Het was in een totaal ander verband, maar ik schreef hem op, mijn eigen tegeltje om boven mijn bureau te hangen. Als er nog íets is om me aan vast te klampen, dan dit:
‘Het is eigenlijk allemaal, altijd hartverscheurend. Soms mooi en soms verschrikkelijk, maar altijd hartverscheurend.’

Categorieën
Verhalen van de berg

Ik bedek mezelf met bloemen

‘No tienes abuela? Heb je geen grootmoeder?’ vraagt mijn dochter. Dat zeggen de Spanjaarden als je jezelf complimentjes geeft. Daar ben ik geloof ik nogal goed in (zie je wel?).

Misschien komt het doordat ik écht geen oma’s meer heb om alles van mij geweldig te vinden, maar ik ben bang dat mijn dochter gelijk heeft als ze zegt dat ik een compliment best vaak blij beaam. ‘Lekker gekookt.’  Ja hè?’  Dat werk.  Echarse flores, jezelf met bloemen bedekken. Nog zo’n heerlijke Spaanse uitdrukking als je blij bent met jezelf.

Wespentent

Dit weekend had ik hier mijn eigen masterpiece: een (vervroegd) verjaardagspartijtje van de jongste. En dat zonder de aanwezigheid van de grote gangmakers: haar vader en oudste zus, die allebei in Nederland zijn. Chaia en ik -niet bepaald organisatiekampioenen- moesten op een of andere manier tien elfjarige Spaanse kinderen – voornamelijk jongens-  op een feestje trakteren. Daarbij werden we licht gehinderd door de bijna-jarige zelf die het organiseren van haar vader heeft geërfd. Ze liep voortdurend in de weg: ‘Is het geen goed idee om de cadeautjes via een speurtocht te verspreiden?’ ‘NEE,’  mopperden Chaia en ik, zwetend in de weer met slingers en waterballonnen. Zelfs over waar we taart moesten eten had Dunya een duidelijke mening. Ik: ‘Binnen. Daar is het koeler en anders smelt het’ ’ Zij: ‘Buiten is leuker.’  Ik: ‘Echt niet Dunya. Er zijn trouwens ook teveel wespen.’ Zij: is bezig op de patio een reusachtige wespentent op te zetten…

Een soort spel

Het jongste kind van het stel met een snee in zijn gezicht, ik voelde hem heel hard bibberen op mijn schoot terwijl Chaia dokter speelde met jodium en pleisters. Een volle tweeliterfles cola die omviel in de lekkerste taart. Dat waren toch wel de grootste rampen waarbij ik iets kon betekenen. Verder ontpopte Chaia zich halverwege als een ideale kampleidster en werd ik op een gegeven moment zelfs weggestuurd. ‘Nee mam, hier moet je niet meer komen nu, we doen een soort spel.’
Ik ging een tijdschrift zitten lezen in de zon, met gespitste oren, dat wel. En later dansten Chaia en haar vriendinnen voor de elfjarigen, die diep onder de indruk waren. Daarna rustten ze uit in de met slingers versierde wespentent die een schot in de roos bleek.

‘Dat hebben we goed gefikst hè?’  zei ik tegen Chaia toen het laatste kind was opgehaald.

Categorieën
Verhalen van de berg

Ogen als pikzwarte sterren

‘Mam, ogen als pikzwarte sterren… serieus?’ Als ik niemand meer durf te vragen, als  iedereen op vakantie is of te druk met zelf schrijven, heb ik altijd nog mijn briljante Chaia om me te behoeden voor literaire blunders.

Chaia leest mijn roman, versie zoveel, ik ben opgehouden met tellen. Misschien komt dit boek wel nooit af. Dat ligt dan niet aan haar. Het overdragen van de liefde voor lezen is bij Chaia af en toe een beetje te goed gelukt.

Zwerver met vleugels

Zo kan het gebeuren dat ze ver na middernacht voor mijn gigantische jeugdboekenkast staat, bijna in tranen. ‘Ik zoek een boek als Wonder, net zo lang als de boeken van Thule of anders zoiets als Voor ik doodga of die.’  (wijst op John Green.) ‘Nee, Gebroken soep heb ik al duizend keer gelezen en Per Nilsson, is dat die van Melisse? Hm. Dat van die jeugdboeken van Imme Dros zeg je elke keer, maar ik hou meer van de mythische verhalen van haar. Wat was dat boek ook alweer over die zwerver met zogenaamd vleugels die ineens in een schuur lag? O ja, maar waar is het? Waar is het?’ Uiteindelijk vertrekt ze met vier, nee vijf (‘vier is een eng aantal’) boeken naar haar bed. En op mijn ‘breng je ze wel weer terug als ze uit zijn?’  krijg ik niet eens antwoord. Chaia slaapt, eet, leeft op een reusachtige boekenberg. Samen met haar telefoon.

Temperament

Ik doe alles voor Chaia, vooral als ze mijn manuscript leest. Dan sluip ik om haar heen (‘stil nou Dunya, stoor haar nou niet’) en was af in haar plaats.  Commentaar krijg ik in flarden. ‘Dat dansen heb je goed beschreven.’  ‘Het begin is nog steeds rommelig.’  Na het lezen van de voorgaande versie zei ze drie dagen later: ‘Ik zat er vannacht over na te denken, er mist een verhaallijn, dat je in drie zinnen kan zeggen waar het over gaat.’  Oeps. Ik heb inmiddels een soort spiegelverhaal gemaakt, ik hoop zo dat ze het pakt. En dat ze de gruwelijke sleutelscène wel herkent als zodanig – maar ook weer niet te gruwelijk vindt, niet zo gruwelijk als ikzelf. Je weet het nooit helemaal bij jongeren.
Ze leest als een razende, nog veel sneller dan ik. En dan, ineens stopt het, middenin een zin. Dan lijkt het wel alsof dat slimme hoofdje ontploft, dan moet ze naar buiten. ‘Mam, kan je me even brengen?’ Dat kan ik. En een bergje verderop bestijgt Chaia haar paard, de al net zo temperamentvolle Pegasus, om zonder zadel door de pasgemaaide velden ervandoor te galopperen. Kei- en keihard.
Ik blijf achter met mijn gezicht in de wind en mijn halfgelezen manuscript. Goed, pikzwarte sterren bestaan niet (nog erger, er stond: ‘pikzwarte sterren in een witte lucht’), wat is er dan aan de hand met die ogen…?

Categorieën
Verhalen van de berg

Lalala een spijkerrokje

Sommige mensen hebben het met een leren rokje. Andere mensen (mannen, vooral) hebben het met any rokje. Maar ik heb het met een spijkerrokje. Een spijkerrokje met blote bruine benen eronder, dan voel ik me op mijn zomerst.

Ik weet mijn eerste nog. Ik had bedongen dat ik van mijn vader mijn eigen kleedgeld kreeg en na de aankoop van een paar muisgrijze pumps (mijn eerste hakken), was het spijkerrokje een duidelijke stap op weg naar een vrouwelijke identiteit. Het was een wijd model, met een beetje punky drukknopen, en als ik het aandeed, liep ik rechter, straalde ik harder en werden alles jongens verliefd op mij – of in ieder geval, dat hoopte ik.

Winterslaap

Hoeveel spijkerrrokjes heb ik inmiddels versleten in mijn leven? Wijde, strakke, met rafels, superkort en koker, donkerblauw en heel licht denim, van dure merken als ik veel verdiende, met stukken leer, al naar gelang mijn leefpatroon variërend van maat 38 tot 42 – dat laatste al bijna too much voor een spijkerrokje. In dat kader weet ik nog goed dat ik jaren uit de running was toen mijn oudste twee vlak na elkaar werden geboren. Dat is zo’n moment dat je wereld tegelijkertijd heel groot  en heel klein wordt. En dat ik mezelf toen ineens tegenkwam op een schoolplein en een andere, reuze hippe moeder zag voorbijsnellen. ‘Een spijkerrokje!’  riep ik verlangend, het galmde over het plein. Ben er meteen zelf weer eentje gaan kopen. Het was hoogzomer, maar pas toen ik die stugge spijkerstof om mijn heupen voelde, werd ik wakker uit mijn winterslaap.

Dus. Ik heb vandaag een spijkerrrokje aan. Eigenlijk best een saaie, maar toch, ik ben blij. Al vraag ik me wel lichtelijk bezorgd af, hoe lang het nog kan, spijkerrokjes dragen. Van die korte bedoel ik, middelbare spijkerrokken tot ver over de knie tellen niet mee.  ‘Ben ik er niet te oud voor?’  vraag ik aan mijn puberdochter. Ze trekt één wenkbrauw op –  dat is in haar geval een compliment. Pff.

Categorieën
Verhalen van de berg

Buiten slapen

Ik ga jullie -harde werkers in noordelijke landen-  even heel jaloers maken, sorry.
Het is nu al maanden zo heet dat we de matrassen naar de veranda hebben gesleept. Buiten slapen. Een tweewoordenzin waar je blij van wordt.

Vallendesterrentellend

Middenin de nacht koelt het eindelijk af. En dan zijn ook de sterren op hun mooist. Zuid Spanje is een van de beste plekken van Europa om sterrenluchten te zien en hier op ons bergje is geen enkele lichtvervuiling. Dus kan je sterrentellend in slaap vallen. Of nog gaver: vallendesterrentellend. Soms hebben ze van die eindeloos lange staarten die door de bespikkelde lucht klieven. Als alle wensen die ik inmiddels heb gedaan worden vervuld, hebben ze zolangzamerhand een dagtaak daarboven.
Vannacht werd ik wakker van een heel raar beest op de campo. Een safari-achtig geluid, geen wilde hond of kat, geen pauw (ja, er leeft hier ergens een pauw). Eigenlijk klonk het nog het meest als een gillende vrouw – alleen hoorde je meteen dat het geen gillende vrouw was, om te beginnen door hoe het geluid zich verplaatste: van heel dichtbij, beneden bij de veranda, naar heel snel een kilometer verderop vanwaar het galmde in de klankkast van het dal. Ik deed een seconde mijn ogen open. En precies in die seconde schoot er weer zo’n megaster door de lucht. Toen viel ik weer in slaap.

Blij dromen

Sterren tellen. Nog zo’n fijne tweewoordenzin die helemaal af is. Het doet me denken aan een fantasiespel dat de meiden jaren geleden hadden, dat heette: blij dromen. Wat nou haiku, wat nou elfje? Soms zeggen twee woorden alles al. Taart eten. Brood bakken.  Chocola smelten. Babypoesjes knuffelen. Veldbloemen plukken.
Het kan ook met een bijwoord, net als ‘blij dromen’. Kijk maar: Wild zoenen. Zachtjes huilen. Droomloos slapen. Stiekem lachen. Schaamteloos genieten.

Categorieën
Verhalen van de berg

Voor de vrede

Misschien woon ik wel op het laatste veilige plekje ter wereld, hier op onze berg. Te weinig mensen om oorlog te voeren, te veel land in plaats van te weinig, zelfs alle ruimte voor de vliegtuigen, die slechts stipjes zijn tussen de duizenden sterren.

Maar dat betekent niet dat ik blind ben voor wat er een paar bergen verderop gebeurt. Nee, ik ga geen woord zeggen over Gaza, dat durf ik niet. Ik heb zionistische vrienden op facebook die ik dezer dagen bijna ontvriend – maar dan toch steeds niet. Sommige dingen zitten raar diep. En hoe ongelukkiger ik word van al die destructie, hoe meer troost ik put uit dappere idealisten die mooie dingen blijven maken. Juist nu. Daarom is dit ook een oproep: kom op 21 september naar Ziggo Dome, met je familie, met je vrienden, met je collega’s… ik garandeer je dat we daar straks allemaal staan te janken van de mooiheid.

MasterPeace in Concert

Bij MasterPeace in Concert komen heus wel een paar bekende namen op het podium. Maar de meeste artiesten zul je niet kennen – ook al zijn ze gigantisch in hun eigen land. En moedig, dat zijn ze allemaal. Want ze durven die avond het podium op te gaan met hun grootste vijand. Een Palestijnse rapper samen met een Israelische rapper, een topzangeres uit Myanmar samen met een zanger van een stam die in haar land niet eens  bestaansrecht heeft, een voormalig kindsoldaat uit Zuid Sudan en nog veel meer artiesten uit conflictgebieden, sommigen zo omstreden dat hun namen uit veiligheidsredenen pas op het allerlaatst worden onthuld. En die staan daar dan straks samen met het Metropole Orkest, terwijl op schermen tegelijk beelden te zien zijn van vredesconcerten over de hele wereld, had ik eigenlijk al gezegd dat 21 september de internationale dag van de vrede is?
Laten we dat vieren. Koop of verdien nu een ticket op
http://masterpeace2014.nl/masterpeace-in-concert/

Categorieën
Verhalen van de berg

Het hart van Spanje

‘Ga niet naar Madrid,’ zeg ik wel eens tegen mensen. In Granada heb je Afrika, in Sevilla heb je Romeo en Julia, in Valencia Calatrava, voor echt echt lekker eten moet je naar het uiterste noorden, voor de zee naar het uiterste zuiden – en in Barcelona heb je sowieso alles.

Toch ben ik nu alweer voor de zesde of zevende keer in Madrid en ik ga het steeds leuker vinden. In Madrid heb je namelijk veel niet, maar ook geen toeristen. Of nou ja, ze zijn er wel natuurlijk maar ze bepalen niet het straatbeeld, zelfs niet hartje zomer. Madrid is gewoon van de Madrilenen. En die eten tapas, drinken biertjes, en als ze vrij zijn lopen ze gewoon een beetje rond in een leuk jurkje net als in elke Spaanse stad. De mensen in Madrid zijn echt aardig, de auto’s rijden er opvallend rustig en er klinken verrassend weinig politiesirenes voor zo’n grote stad.

Zwembad

Als het buiten te heet is (en dat is het eigenlijk vanaf een uur of elf tot een uur of acht ‘s avonds), zijn er terrassen met sproeiers, maar ook koele marmeren musea waar je niet in de rij staat, zelfs niet voor een meesterwerk als de Guernica. Die musea zijn niet heel avantgardistisch hier in het hart van Spanje, maar toch een duik in een welkom verfrissend zwembad. Ik zie deze keer weer allemaal nieuwe dingen. En dat kan ook makkelijk, want er loopt geen enkele groepmetgidsenparasol door je beeld – wel verliefde stelletjes. Ik word zelf ook weer een beetje verliefd en daardoor trots. Kijk: Madrid! Dat is nou mijn fijne pretentieloze hoofdstad!

Categorieën
Verhalen van de berg

Tafel & bed

Wat is het hart van elk huis – of in ieder geval van het onze? De grote lange tafel waar alles aan gebeurt: van eten tot werken tot lange, memorabele gesprekken.

In ons nieuwe huis – Herberg In de veilige haven- komt ook zo’n tafel te staan. Een grote houten tafel waaraan wordt gepraat, gelachen, gehuild, gemediteerd, geschreven en gedacht.

Bed peace

We moeten hem nog bouwen maar de herberg krijgt een panoramische glazen serre waar alle activiteiten die te maken hebben met ‘verbinding’  gaan plaatsvinden.  Mediation, bezinning, verzoening, het oplossen van alle soorten conflicten. Alles in de ubuntu-sfeer van Nelson Mandela.
En dat gebeurt dus aan de tafel. ‘Moet die tafel rond zijn?’  vraag ik. ‘Natuurlijk,’  zegt mijn man, die me altijd net een paar stappen voor is qua visualisatie.
En omdat verbinding niet stopt bij een tafel, kan je deze tafel straks ook in een handomdraai ombouwen tot een groot, rond bed. Zodat de serre ook huwelijkssuite kan zijn en je kunt slapen op heilige grond.  Bed peace in 2015. En ‘s ochtends krijgen de geliefden van mij op datzelfde bed een fijn ontbijtje – als ze dat willen natuurlijk.

Wie gaat die tafel maken? We zijn in gesprek met met een meubelmaker die ook een beetje een tovenaar is. Maar ik kan het niet vaak genoeg zeggen: mocht jij ook op een of andere manier mee willen bouwen aan de Herberg, laat het ons weten!

Categorieën
Verhalen van de berg

Pura vida

Het klinkt zo romantisch en dat is het ook. De bomen op de patio dragen vijgen, amandelen, citroenen. Die rijpe vijgen ruiken naar karamel en dat overstemt bijna de geur van…

De Spaanse campo is niet alleen maar idyllisch, het boerenleven kan hard zijn. Alleen al hoe ze hier met hun huisdieren omgaan. Er is hier geen hond die binnen komt, om maar eens wat te noemen. Soms zitten ze vast aan de ketting, soms scharrelen ze maar zo’n beetje tussen de olijfbomen en bijten konijnen dood. Dus dat is mijn eerste gedachte: dat er ergens een dood konijn of een dode rat ligt, dat dat die rottende geur veroorzaakt.

In de golven van de hitte

Maar de geur gaat niet weg. In de golven van de hitte en bijna geen wind, begint het vrij storend te worden. Misschien is het dat ene zwakke zwerfpoesje dat we kwijt zijn? ‘Ik ga echt niet lopen zoeken om dan Oelie’s lijk te vinden,’  briest Chaia als ik voorzichtig voorstel dat we misschien eens goed op zoek moeten gaan naar de bron van de stank. Dus gaan er nog weer een paar dagen voorbij. Totdat ik op een middag nietsvermoedend met Chaia en haar vriendinnen de poort van de cortijo uitkom en bijna van mijn stokje ga van de walm en de vliegen pal voor onze deur.
Een vosachtige hond. Of een hondachtige vos. Het kopje is nog helemaal gaaf, maar de rest van het lijf is zodanig vergaan en niet-vergaan dat het onmiddellijk associaties met hororfilms oproept. Onze eigen zwerfhond staat er trots naast, die heeft deze prooi waarschijnlijk net feestelijk voor de deur gelegd.
Chaia’s vriendinnen gruwelen en wapperen dramatisch met hun handen voor hun gezicht tegen de stank. Dat wil ik eigenlijk ook. Dit beest moet opgeruimd en ik vind het een mannenklus. Ikzelf heb mijn mooie Tommy Hilfigerschoentjes aan, een fijn jurkje en versgelakte nagels. Maar ja, mijn man komt vannacht thuis van een reis en wat is dat voor welkom: een ontbindend lijk voor de deur? Wat voor signaal geef je dan af?

D.E.P.

Dus ik doe het zingend. Heel hard, om niet te hoeven ruiken. De triomfmars uit de Aida, bizar genoeg. En natuurlijk valt het lijk in stukken uiteen. Begint de vuilniszak – Spaanse vuilniszakken zijn verschrikkelijk-  te lekken als ik hem in  de auto zet. Over mijn jurkje. Dus moet ik dat ook… en de auto…
Als ik de zak in de vuilcontainer gooi, vind ik het ineens zielig. Ben ik nou zo’n harde Spaanse boerin geworden? Maar ja, begraven gaat echt niet in deze stenige grond, daar weet ik met al die dode zwerfpoesjes alles van. ‘Rest in peace’  mompel ik met mijn hoofd over de rand van de vuilcontainer. En voor de zekerheid ook nog in het Spaans: ‘Descanse en paz.’

Categorieën
Verhalen van de berg

Countdown

18 juli volgend jaar openen wij Herberg In de veilige haven in Amsterdam, zet het alvast in je agenda. Niet zomaar een dag: op 18 juli 1918 werd Nelson Mandela geboren, onze held. Happy birthday Nelson!

Het duurde even: zo snel krijg je niet alle papieren op orde voor wat wij van plan zijn met het huisje aan de Sixhaven. Het Mandelahuisje wordt niet alleen van ons, in de grote glazen serre bruist het straks van de activiteiten, die te maken hebben met verbinding. Tot en met een huwelijksbed aan toe. En een zomerterras op de mooiste plek van Amsterdam, pal aan het IJ. Vanaf nu kunnen we ons allemaal gaan verheugen, de contracten zijn getekend, het verbouwen kan beginnen!

ubuntu

Er is een site: veiligehaven.nl Maar voorlopig is het interessanter om onze facebookpagina ‘Herberg in de veilige haven’  te volgen. Daar plaatsen we de laatste updates en de foto’s van Janiek, die het hele jaar door alles vastlegt. Het is ook een uitnodiging: heb je ideeën voor de herberg, kan je iets, zoek je iets, laat het ons weten! Alles is nog mogelijk, als het maar past binnen de ubuntu-filosofie.  “Iemand met ubuntu staat open voor en is toegankelijk voor anderen, wijdt zich aan anderen, voelt zich niet bedreigd door het kunnen van anderen omdat hij of zij genoeg zelfvertrouwen put uit de wetenschap dat hij of zij onderdeel is van een groter geheel en krimpt ineen wanneer anderen worden vernederd of wanneer anderen worden gemarteld of onderdrukt.” Nee, die komt niet van mij, maar van Desmond Tutu. Grote woorden voor zo’n klein huisje,. Kom, we gaan aan de slag!