Anna van Praag boeken en verhalen
Categorieën
Verhalen van de berg

En de berg begon te stralen

‘Hier heb je een droomhuisje en het staat in Amsterdam.’

Nee, meer kan ik er niet over vertellen en het gaat vast niet door, maar dit was de grootste verleiding van de afgelopen weken, wat zeg ik – maanden.

Bibberig

Het is geen geheim dat ik af en toe van de Spaanse berg af wil. Daar kan die berg zelf niet zoveel aan doen, dat heeft vooral te maken met de ontworteling die het vele reizen bij mij heeft veroorzaakt. Ik kan geloof ik nergens meer lang wonen. En zeker in de winter mis ik de stad.
Dus toen dat huisje ineens aan de horizon gloorde, kreeg ik een hevige aanval van verliefdheid, liep voortdurend te dagdromen, bibberig van de opwinding. Vrienden, uitgaansleven, dynamiek. Het was er allemaal – en zo dichtbij!

Amandelbloesem

Maar er gebeurde ook iets anders: de berg begon op te gloeien, te stralen, lonkte mij met duizend fijne dingen. De zon! Het licht! Waar kan je fijner en ongestoorder schrijven, waar zoent iedereen (de dokter, de schooldirecteur,de belastingconsulent) je zo gezellig op beide wangen, hoe kan ik ooit nog zonder onze (ja onze) groenste en lekkerste olijfolie, waar is de kapper zo pretentieloos en goedkoop en wat is er eigenlijk leuker dan de terrasjes van Granada waar elk jaargetijde wel een gitarist speelt en de wijn altijd goed is…
En nu bloeit, om de verwarring compleet te maken, weer de amandelboom voor het huis. Geen bloesem zo teer en tegelijk zo sterk, dwars door de nachtelijke vrieskou heen. Het is het kleed van een lentebruid: kijk, daar is ze weer en het is raar maar waar: ik heb haar echt gemist…

Categorieën
Verhalen van de berg

Het mooiste boek van de wereld

Ik liep door de Van der Pekstraat, zo’n typische grijzige arbeidersstraat in Amsterdam-Noord. Maar ineens werd alles mistig en liep er een wonderkind met een viool voorbij, op zoek naar zijn ‘muziekengel’, terwijl tegelijkertijd een man in een zwarte mantel mij zwijgend in diep water probeerde te lokken…

De tomeloze verhalenverteller Nancy Wiltink met wie ik al vaker via verhalen de wereld heb veroverd, had een idee: neem een plek – in dit geval Amsterdam-Noord – en laad die plek met verhalen. Vraag dat aan topschrijvers en illustratoren die er een speciale band mee hebben. En dan… dan gebeurt er een wonder.

Gedroomd

Er is een sprookjesboek van gekomen. Met verhalen over een draak in de IJtunnel, de pont die soms een spookpontje is, en een vergeten prinses met meterslange haren in een treurig Noords hotel. En nog een kleine twintig andere verhalen en heel erg veel tekeningen, zowel van grote meesters als aanstormende talenten. Nancy en ik hebben zelf ook verhalen geschreven en samen de redactie gedaan. Het boek werd beeldschoon vormgegeven met een linnen band en gouden letters; het gedroomde sprookjesboek.
Soms klopt alles. Dit boek krijgt nog meer vleugels omdat het stadsdeel alle kinderen van Noord (ja, alle) dit cadeau gaat geven. Nancy’s idee gaat duizenden kinderen meeslepen, betoveren, verleiden. Niemand kan ooit meer normaal door Noord lopen omdat wij het hebben bevolkt met poppendokters, kabouters, zilvervisjes, en totaal nieuwe kikkerrassen.
Het boek ligt nu bij de drukker en man, wat ben ik trots!

Categorieën
Verhalen van de berg

Bibberende ogen

‘Ik moest bijna huilen,’  zegt een jongetje dat net een nostalgisch verhaal bij elkaar heeft gedroomd over zijn geboorteland Egypte. En dan voegt hij er de geweldige zin aan toe: ‘Mijn ogen begonnen helemaal te bibberen.’

Bij de fantasie-oefeningen die ik in klassen doe, verzinnen kinderen met jaloersmakend gemak hartsvriendinnen waar die er niet zijn, allereerste liefdes (dat wordt meestal stiekem in mijn oor gefluisterd), maar ook Messi die even bij de lokale club op bezoek komt of zelfs ‘One Direction omringd door eenhoorns’.  O, ik hou zo van de grenzeloze fantasie van kinderen!

Grootje op een klapstoeltje

Maar net zo makkelijk duiken er dode opa’s op, of door een scheiding verdwenen vaders. ‘Ik ging door een tijdmachine en toen…’  begint een meisje – en barst in tranen uit. Want daar was ‘mijn oudtante die ik nooit heb gekend.’
Ik let altijd heel goed op ‘bibberende ogen’, maar ik schrik er niet van. Het wordt meestal pas dramatisch, ook voor de andere kinderen, als de juf opspringt en het kind meesleurt naar de gang.
Waarom? Waarom mag lachen in de klas wel en huilen niet?
Van gemis en verlangen kunnen de mooiste verhalen komen. Mijn eigen dode grootje zit stiekem in meerdere van mijn boeken. Deze week nog is ze met me meegereisd langs de klassen. Ze zat achterin naar me te knipogen met twee ogen, zoals poezen doen. Op haar onafscheidelijke klapstoeltje…

Categorieën
Verhalen van de berg

Vrijheid

Ik reed met iemand mee en was een uur te vroeg op het busstation. Dus begon mijn dag op een lelijk formica terras in Granada, in de stralende zon.

Cafe cortado. Mijn koffer. Mijn rode jas die veel te warm was maar die ik lekker toch niet uit deed. En mijn schrijfschriftje op schoot.
Er was niemand anders dan ik. Geen vriendin op de stoel tegenover me, geen man, geen kinderen.
Er raasde een ambulance voorbij. Ik keek naar een eenzame skateboarder die steeds hogere sprongen maakte en naar de bussen die af en aan reden op weg naar Madrid, Sevilla, Portugal. Mijn piepkleine wereld was onbegrensd.
Categorieën
Verhalen van de berg

Kinderziel

‘Er vertrok net een keurige oma met Kom hier Rosa voor haar kleinkind van vijftien. Ik dacht wel even: o jee.’ Zelfs kinderboeken-Rietje maakt zich zorgen om het tere kinderzieltjein relatie tot mijn boeken. Maar het echte leven is veel wreder.

Ik hoor het bij de kapper, onze dorpspomp. Een jongen van Chaia’s school heeft zijn polsen doorgesneden, hij ligt in het ziekenhuis. Nog erger. Van de daad heeft hij een bloederig filmpje gemaakt en dat op watsapp geslingerd. ‘Ik ga dood en dat kan me niks schelen.’

Nazorg

Ik was er al bang voor. De oudste dochters blijken het filmpje al dagen geleden gezien te hebben. ‘Waarom vertellen jullie dat nou niet aan mij? Zulke dingen wil ik weten.’ In Nederland zou er allang een nazorgteam op school zijn gekomen, brieven naar de ouders,  gesprekken met de directeur, enzovoort. Toch? Ik hoor mezelf zeggen: ‘Willen jullie erover praten?’
Dat willen ze niet. ‘Ik kende die jongen amper,’  zegt Chaia. ‘Hij spijbelde heel vaak, stond altijd buiten het hek te roken. Bovendien spoorde hij niet helemaal.’ Ze is het hele voorval alweer bijna vergeten, lijkt.
Hoezo tere kinderziel? Mijn schatjes hebben al die beelden op hun netvlies, enger dan de engste hororfilm En ze huilen niet eens, hoe kan dat?

Supersterk

Pas later snap ik het het, met boeken werkt het niet anders. ‘Dat kind kan Kan Kom hier Rosa prima lezen’  zeg ik tegen Rietje. ‘Ze filtert heus wel wat ze wel en niet wil meekrijgen.’
Ja, kinderen harnassen zichzelf, zetten een buffer tussen henzelf en de boze buitenwereld. De kinderziel is niet teer, maar juist heel lenig en supersterk.

Categorieën
Verhalen van de berg

Piemels in azijn!

Elegantie. Of misschien tuttigheid. Na een paar jaar op de berg begin ik steeds meer details te zien van wat de Spaanse meisjes en vrouwen onderscheidt van de Nederlandse.

Soms lukt het me zomaar om met Spaanse ogen te kijken. Dan zie ik bijvoorbeeld waarom  ze mij hier in het dorp typisch Nederlands vinden, hoeveel bloemen ik ook in mijn haar stop.

Meewarig

‘Is je auto stuk?’  Die vraag heb ik vanmorgen alweer twee keer gekregen. Niet omdat mijn auto stuk is want dat is ie niet. Maar omdat ik samen met Dunya de berg af loop naar de schoolbus. Terwijl Het Regent!  Bloem ondervindt hetzelfde als ze met de brommer naar haar schoolbus tuft. ‘Niet die regen is erg, maar al die meewarige blikken. Geschokt ook: Laat jouw moeder jou zomaar door de regen rijden?! Tsss.’ Spaanse vrouwen zullen nooit in de regen lopen of rijden – en al helemaal nooit zonder paraplu. Belangrijkste reden: Dan Wordt Je Haar Nat! Uren zijn ze altijd bezig met dat haar, om het te stylen en te steilen. En het is gek, als ik nu in Nederland ben, denk ik vaak: wat hebben de vrouwen hier allemaal raar, rommelig haar.

Grof

Groot vind ik ze ook ineens, de Nederlandse vrouwen. Ik ben zelf hier altijd de grootste. Met mijn 1.65. En grof. Ik word de laatste tijd weer ernstig opgevoed door mijn dochters: ‘Mam, je vloekt teveeel.’  Ik ben dat nou eenmaal zo gewend, als Amsterdamse. Maar toen ik laatst een lijst Spaanse scheldwoorden onder ogen kreeg, begreep ik ineens dat ik zelf toch wel echt heel grof ben. Ik liet Dunya de lijst zien en ze begon ervan te blozen, zo erg vond ze het wat er stond. ‘Die woorden gebruik ik echt nooit hoor mama.’ Terwijl ik alleen maar zat te glimlachen van schattigheid. ‘Que te folle un pez’.  Dat betekent: ik hoop dat je wordt genaaid door een vis. Hoe grappig (en glibberig – maar dat is mijn dirty mind die alles meteen tot beelden maakt). ‘Me cago en la hostia’: ik schijt op de hostie. Nounou, dat is stout. En dan deze, mijn favoriet: ‘Pollas en vinagre.’ Piemels in azijn ja. Dat ga ik nooit serieus -laat staan woedend- uit mijn strot krijgen.

Categorieën
Verhalen van de berg

De lekkerste geur van de wereld

Ze mogen niet zomaar verdwijnen, de boekwinkels. Donner niet en Scheltema niet – wat nou Polare?- en Rietje’s kinderboekwinkel al helemaal niet. Dan raak ik mijn basis kwijt.

Voor boekwinkels als Donner en Scheltema ben ik altijd een beetje bang. Daar werken mensen die alle boeken snappen, heel volwassen en serieus. Daar te liggen met mijn eigen boeken is alsof je in de grote zaal staat van de schouwburg terwijl je eigenlijk in de kleine hoort. Heel stoer en heel eng tegelijk. Het verhaal gaat dat ze daar schrijvers die hun eigen boek plat leggen de toegang tot de winkel ontzeggen. Natuurlijk haal ik mijn boeken naar voren en leg ze ergens vooraan. Maar héél snel en stiekem.

Rietje

Rietjes kinderboekwinkel is een van de weinige huizen die ik nog heb in Amsterdam. Ik ben nog steeds niet over de schok heen dat ze ermee gaat ophouden. Hoe vaak heb ik daar niet zitten bijpraten op die veel te kleine stoeltjes over wat je echt moet lezen en waarom. Tegelijkertijd is Rietje ook superstreng. Op de helft van mijn boeken heeft ze kritiek, soms best pittig. Aan de andere kant vindt ze mij ‘belangrijk genoeg om op voorraad te houden.’  Als ze zulke dingen zegt word ik ook extra blij.
Ik ga nooit weg bij Rietje zonder een stapel boeken. Maar ik moet ook eerlijk zeggen dat ik vrij trouwe klant ben bij het dikke mannetje. Dat is heel makkelijk als je in Spanje woont en de paar keer per jaar dat je in Nederland bent je tijd strak moet indelen.

Maar dit beloof ik

Ik ga vanaf NU stoppen met de internetboekhandel en weer terug naar de echte winkels. Waar anders kan ik mijn eigen boeken zo heerlijk stiekem bewonderen? En die van anderen natuurlijk. Er gaat niks boven de geur van een echte boekwinkel, nog lekkerder dan de geur van verse baby’s of gras of van gesmolten chocola. En dan is er nog het serene bladeren en het perfecte advies van de echte boekhandelaren. Zolang ze er nog zijn.

Categorieën
Verhalen van de berg

Chaia mijn hartje

‘Krijg ik een blog op mijn verjaardag?’ vroeg je. Nu schrijf ik niet op bestelling maar voor deze keer maak ik graag een uitzondering.

Je voelt je toch al vaak achtergesteld. Bij je grote zus die proeflezer is van mijn boeken. ‘En mijn mening vind je dus niet belangrijk. Nee laat maar, ik hoef het al niet eens meer te lezen.’ En bij dat zogenaamd schattige kleine zusje. ‘Toen ík mijn arm had gebroken moest ik gewoon wel de afwas doen. En je wilde niet eens met me naar het ziekenhuis, je dacht dat ik me aanstelde.’

Jeugdtrauma’s

Op zich is het handig dat je mij je ‘jeugdtrauma’s’ nu al vertelt, dan komt het later niet als zo’n schok. Zoals die keer dat ik je achterna kwam met de pollepel. ‘Ik verstopte me achter  de kast, daar kon jij niet komen. Maar toen ik later weer naar de keuken kwam, gaf je me alsnog een klap. Je mag je kinderen niet slaan, weet je dat?’ Of die keer dat ik je bedreigde met een mes. Dat was een grapje Chaia, hoe vaak zal ik je dat nog moeten zeggen? Een mislukt grapje maar toch.
Dat ik niet goed luister als je voor de honderdste keer over je paard vertelt. Dat ik mopper als ik weer eens je taxi moet zijn naar al je vriendinnen en clubjes. ‘Dan had je maar geen kinderen moeten nemen.’ Snauw om de ongelooflijke troep die altijd verschijnt waar jij je verplaatst. Ontplof als je de telefoon, mijn handige oogpotloodpuntenslijper, scheermesjes, oorringen, haarborstels, dure dagcrème, lievelinsgboeken enzovoort hebt laten verdwijnen in diezelfde troep. Allemaal waar. Sorry, ik ben vaak net zo licht ontvlambaar als jij.

Mooi

Maar ook dit is waar. Dat ik je zo ongelooflijk mooi vind. Dat ik soms verbijsterd ben over de grote hoeveelheid liefde die jij verstopt achter je kattigheid. En dat ik (weer sorry, dit wil je niet horen) van al mijn kinderen het meest herken in jou. Net zo vaak als ik op je mopper, wil ik je op mijn schoot nemen en heel veel kusjes geven. Nee, dat mag niet meer van je, dat weet ik. Beschouw dit blog dan maar als de langste, grootste omhelzing die een moeder haar vijftienjarige dochter maar kan geven.  Gefeliciteerd schat!

Categorieën
Verhalen van de berg

School from hell

‘Verneder je! Weet je niet dat je maar een afvalemmer bent?’
Ik rijd regelmatig langs een imposante school waar ze deze opvoedkundige voltreffer hoog in het vaandel hebben staan.  Die school geldt hier in de buurt als een van de allerbeste.

Een vriendin van Bloem die een school drop out dreigde te worden, werd door haar oma, als uiterste redmiddel op deze school ingeschreven. Daar zouden ze haar wel aan het leren krijgen. Elke dag beginnen met een mis, Jezus groot aan de muur in elk klaslokaal, lange rokken, verplicht vlechten in je haar. O ja, en alleen maar meisjes natuurlijk – de jongens zitten ergens anders. En die krijgen geen kookles en strijkles, zoals de meisjes die  leren om ondergeschikt te zijn. Als Bloem zelf maandagochtend op haar eigen schoolbus staat te wachten, ziet ze de kinderen die naar die school gaan, het zijn er best veel. Eerst komt de bus voor de meisjes, daarna die van de jongens. De meesten blijven er ook slapen, het is een internaat.

Opus Dei

Opus Dei, zo heet de organisatie achter deze scholen, ze hebben overal dependances zitten. Het klinkt spannend, naar occulte genootschappen en geheime rituelen, maar het is gewoon een enge sekte, die hier behoorlijk groot is. Bij Opus Dei vereren ze de paus en voeden ze je op met kuisheid en boetedoening. Het citaat hierboven komt uit hun persoonlijke bijbel die El Camino heet.
Het raarste vind ik nog dat zelfs leuke, stadse mensen die hun eigen kind niet naar die scholen zouden sturen- er wel met respect en zelfs bewondering naar kijken. Opus Dei, daar word je slim en evenwichtig van. Arme vriendin van Bloem…

Categorieën
Verhalen van de berg

Blije koning

Zijn er echt mensen die rustig kabbelende levens leiden waarin nooit iets gebeurt? Zelfs op mijn privé-berg is altijd van alles aan de hand… maar vandaag heb ik even geen zin in om dramatische verhalen te vertellen.

Vandaag gaat mijn manuscript op de post naar een fee. Ruim anderhalf jaar werkte ik er dag in dag uit aan en ja het is echt werk. Drie keer dacht ik dat ik er was, drie keer kon het weer de prullenbak in. Maar nu ligt er dus weer een versie en voordat die naar de uitgever gaat, heb ik een wijze fee in Haarlem die moet zeggen of dat wel mag. Ik heb trouwens nog een fee in Haarlem, die mij beter kent dan ik mezelf, die mag het ook lezen. Haarlem is een feeënstad.

Optillen

Dus nu ben ik als de blije koning die zijn langverwachte kind aan de wereld wil tonen. Is het mooi? Daar gaat het niet om; de koning vindt van wel, het is zijn eigen wonderkind. En hij wil dat de feeën het een beetje optillen met al hun wijsheid en wensen.
Ik heb nog wel meer feeën, later.  Eentje in de PC Hooftstraat in Amsterdam, mijn eigen bloemenfeetje hier op de berg die heel knap dwars door verhalen heen kan kijken. En dan is er ook nog wel wat magie te halen in Rotterdam, later.

O ja, en de dertiende fee? Die komt altijd, dat weet ik heus wel. Maar vandaag even niet.