Anna van Praag boeken en verhalen
Categorieën
Verhalen van de berg

Paella-wedstrijden

Het zal vast als een grote verrassing voor jullie komen, maar donderdag is het Dia de Andalucía. Hier weet elke kleuter dat.

Een van de jammere dingen van Nederland is dat wij (jullie?) zo weinig tros zijn op wat we hebben. Folkore is een eng Volendam-woord en over alles wat daarbij hoort hangt altijd zo’n zweem van toeristenkitsch. Klompen. Kaasmarkt. Molens. Tulpen.

Olijfolie en Spaanse ham

Wie wel eens hier bij ons op de berg is geweest, weet dat ik een echt Nederland-hoekje heb. Heel expat en fout, met Delftsblauwe troep erin en echte anijsblokjes. De schaamte ben ik gelukkig allang voorbij, ik vind het mooi!
Net zoals ik in Spanje houd van het Granada-aardewerk met de geschilderde granaatappel in het midden en ook heel erg van onze (hun?) olijfolie.
Olijfolie en Spaanse ham, dat krijgen de kinderen op de basisschool morgen allemaal mee naar huis. En trots dat ze daarop zijn! Op alles dat met Andalusië te maken heeft.

Vuurtjes op het schoolplein

Op de middelbare school houden ze morgen heuse paella-wedstrijden. Elke klas stookt een vuurtje op het schoolplein en in grote pannen maakt iedereen zijn eigen paella. Er is een echte jury die komt proeven en kijken welke klas de tafel het mooist heeft gedekt.
Goeie paella maken is een kunst. Ze doen het bij elk feest en het luistert nauw. Ikzelf heb les gehad van mijn Spaanse vriendin en nu durf ik het eindelijk zelf ook te maken als er Spanjaarden bij zijn. Het liefst in de zomer, buiten. We hebben er een speciale paella-stookplaats voor gemaakt, met een enorme pan.
En als er heel veel mensen bij ons komen, kan ik altijd de reuze-pan van de gemeente lenen. Daar heb ik één keer paella in gemaakt, ik denk niet dat ik me ooit meer Spaanse heb gevoeld dan toen.

Paella-recept

(zoals ze het in Andalusië maken, dus geen gedoe met kip enzo)
Ui fruiten. Arborioirijst even meefruiten (soort rijst is extreem belangrijk). Stukjes tomaat erbij of blik gepelde tomaten en paella-kruiden (liefst uit een zakje, neem ze niet als ze te oranje ogen) en dan steeds een beetje water, net zoals je risotto maakt. Staart van zeeduivel mee laten sudderen en halverwege ook een paar handen erwtjes. Zonder erwtjes is het niet echt! Tegen het einde venusschelpen erbij en mini-octopusjes (ingewanden eruit halen) en eventueel garnalen. Langzaam gaar laten stoven op niet te hoog (hout)vuur. Beetje citroen erover.

Categorieën
Verhalen van de berg

A terrible teachter is a joy forever

‘Mam, mijn gymleraar wordt nu echt raarder en raarder.’
Ik was zo lekker jarig in Sevilla. Samen met Ilco heel veel wijn gedronken, een gouden broek gekocht en in hete bubbelbaden in de regen gelegen. En nu kom ik thuis en barsten de  kinderen weer los met hun verhalen.

‘Weet je dat we ons proefwerk niet eens konden maken, zo hard zat de leraar er de hele tijd doorheen te kletsen. Over zichzelf en hoe geweldig hij was. ‘Meneer, wilt u alstublieft stil zijn zo kunnen we ons niet concentreren,’  smeekten we, maar dat kon hij gewoon niet, nog geen minuut. En hij heeft zo’n harde stem.’
Proefwerken voor gym zijn natuurlijk sowieso raar. Eindeloze definities moeten ze uit hun hoofd leren over, bijvoorbeeld, de voordelen van een warming up als je gaat sporten. En als ze dan af en toe uit de klas naar de gymzaal gaan, moeten de meisjes bij alle balspellen rondrennen met hun armen gekruist voor hun borst. Het zou te ranzig voor woorden zijn, ware het niet dat je die gymleraar als je hem ziet meteen van langdurige impotentie verdenkt (o wat is het heerlijk dat ze hier mijn stukjes niet kunnen lezen).

Rauw ei

‘En hij gaf me ook nog eens midden in de klas een bloem cadeau. Een bloem voor een bloem, zei hij en iedereen moest keihard lachen, ik haat hem,’  jammert Bloem.
Ga ik nu praten met de leraar? Boos worden dat mijn dochter haar tijd met zo’n creep moet verdoen?
Welnee. ‘Zulke leraren zijn een eindeloze inspiratiebron,’  zeg ik haar. Hoe vaak heeft haar eigen vader wel niet – met geluiden en al- gememoreerd hoe zijn gestoorde basisschoolleraar (die Ilco aan zijn oor over de grond sleepte), elke ochtend, voor de ogen van de hele klas en met veel geslurp, een rauw ei leegslobberde? En zelf herinner in me ook nog heel goed de leraar Latijn die altijd op de raarste momenten moest huilen (naar verluidt omdat hij in een jappenkamp had gezeten) maar die bepaald opgewonden werd als je hem iets ergs vertelde. ‘Hoe is het thuis? Problemen?’  kon hij zo hoopvol kwijlend aan je vragen.
Ach, ik denk dat iedereen wel zijn eigen erge-leraar-verhaal heeft. ‘Lach er maar om,’  zeg ik tegen mijn dochter. ‘En trouwens, daar word je groot en sterk van.’

Categorieën
Verhalen van de berg

De Spaanse koning moet aftreden!

Juan Carlos zou een voorbeeld moeten nemen aan zijn collega Beatrix en plaats moeten maken voor zijn zoon. Dan kan het tenminste eindelijk weer wat worden met het Spaanse koningshuis.

Juan Carlos is een enge koning. Hij is driftig. Deze zomer rouleerden er nog foto’s dat hij zijn chauffeur sloeg, naar verluidt omdat hij het niet eens was met de parkeerplaats van de auto.
‘Por qué no te callas?’ is nog steeds een geliefde T-shirt slogan hier. Juan Carlos riep dat een paar jaar geleden in het openbaar tegen de president van Venezuela. ‘Waarom houd je je mond niet?’  betekent het – niet erg aardig en al helemaal niet tactisch tegenover je vroegere kolonie.

De schietende koning

Juan Carlos is de schietende koning. Als kleine jongen was hij betrokken bij de dood van zijn broer Alfonso. Dat blijft een gruwelijk verhaal. Was Alfonso zijn geweer voor hem aan het schoonmaken? Of was het toch echt Juan Carlos zelf die per ongeluk, in een ongelukkige beweging, zijn broer neerknalde (in zijn gezicht nog wel)?
Je zou denken dat je, als je zoiets overkomt, nooit meer een geweer aan wilt raken. Zo niet Juan Carlos. Vorig jaar nog ging hij in Botswana op olifantenjacht. Daar betaalde hij een dubbel Spaans jaarsalaris voor, maar dan mocht hij ook ouderwets schieten. Olifant dood, koning gevallen. Letterlijk gevallen, heup gebroken. En ook nog eens in ongenade, bij alle verbijsterde Spanjaarden die tobben met de crisis.

De overspelige koning

Dezelfde vrouw die op alle foto’s trots naast die dode olifant staat, is de minnares van de koning. Ook niet leuk voor de Spaanse koningin! En nu, tot overmaat van ramp, blijkt die minnares ook nog eens betrokken te zijn bij een groezelig corruptieschandaal, met een hoofdrol voor… Juan Carlos. En dat terwijl de president ook al van corruptie wordt beschuldigd, het lijkt hier wel Italië.
Daarom is het hoog tijd voor een rigoreuze stap. Juan Carlos is nu vijfenzeventig jaar, dat is, weten wij inmiddels, de ideale leeftijd om af te treden. Hij heeft een aardige, nikserige zoon, die allang klaar staat, samen met een kroonprinses van Maxima-achtige allure. Hup Carlos, geef die scepter nou maar eens door aan Felipe!

Categorieën
Verhalen van de berg

Wat zou je doen als…

Het is een soort afwijking en hier thuis houden ze er nooit meer mee op. Het rare vragen-spel.

Wat zou je doen als… je morgen wakker werd en je haar was helemaal grijs geworden? Of juist helemaal blond en krullerig? Als je morgen wakker werd en je woog 250 kilo? Ik in de nacht stiekem je nagels had gelakt in tien verschillende kleuren? Als ineens al je weblogvolgers in je huis stonden?

Que harías si

Het begon bij Chaia, kampioen van de ‘wat zou je doen als’ vragen. De vragen werden steeds raarder en nu is Bloem er ook mee begonnen. En de vriendinnen op school. Wat zou je doen als je morgen op school kwam en je ontdekte dat je helemaal bloot was? Of als de kleine dikke mentor helemaal bloot was? Qué harias si…. Het duurt nu al weken – en hoe bizarder hoe beter.
Het stomme van dit soort vragen is dat je eerst echt geen zin heb tin het antwoord – zeker als je de hele dag door dit soort vragen krijgt. ‘Huilen.’  ‘Schrikken.’ ‘Heel erg blij zijn..’ Dat soort dingen zeg je dan. Het gaat geloof ik ook helemaal niet om het antwoord, het gaat vooral om de vraag

Beeldschoon haar

Maar in tweede instantie is het eigenlijk wel een leuke mindshift. Op het moment dat je je echt gaat voorstellen hoe je je zou voelen als je ineens beeldschoon haar tot aan je middel zou hebben, als al je vriendinnen plotseling met zijn allen binnen zouden komen stommelen, als  je laatste boek ineens een bestseller zou zijn, als je zomaar weer vijftien jaar was… Soms is het ook het begin van een verhaal.
Daarom, als vakantiespelletje, een paar vragen aan jullie:
Wat zou je doen als je op straat liep en je was ineens helemaal bloot?
Wat zou je doen als je poes tegen je begon te praten?
Wat zou je doen als er ineens wijn uit de douche kwam?
Wat zou je doen als je allereerste geliefde plotseling voor je zou staan?
Wat zou je doen als je op een berg in Spanje zou wonen?

Categorieën
Verhalen van de berg

Geesten en demonen

‘Dus je stuurde ze gewoon weg?’  vraagt Bloem. ‘Ik wou dat ik ook geesten kon zien.’
‘Het is niet echt zien,’  zeg ik, ‘en ook niet echt wegsturen trouwens.’

We wonen in een oud huis vol verhalen. Dat zal niemand een raar idee vinden. Maar wie gelooft me als ik zeg dat er ook allemaal geesten in dit huis rondhangen?
In ieder geval de mensen uit de buurt. Vriendin Toñi bijvoorbeeld, die hier af en toe komt helpen schoonmaken, weet het allang. Ze begint er zelf niet over, maar desgevraagd knikt ze. Vooral de oude man die hier als boer is gestorven, zweeft nog overal rond, zegt ze.
Ikzelf voel de geesten zoals je een schaduw voelt. Niet alleen de huisgeesten trouwens, ook energieën van overleden familieleden. Ik denk er zelden aan, maar ze zijn er wel, soms meer en soms minder. Vooral in de keuken, wat het oudste deel van het huis is.
Dat is niet vervelend, ook niet verheffend. Gewoon iets waar ik aan gewend ben geraakt.

Of jij! Of jij!

Maar laatst zag ik ze ineens weer heel duidelijk.
Dunya was ziek. We waren samen in de slaapkamer in het donker en Dunya zei, half ijlend, tegen mij dat ik iets niet moest doen. En daarna wees ze over mijn schouder en zei: ‘En jij ook niet! Of jij! Of jij!’
Ik was moe en het was laat. Maar ineens meende ik te zien wat Dunya zag: hoe druk het eigenlijk in die slaapkamer was. Met beschermengelen of hoe noem je dat, maar ook met allerlei nieuwsgierige huisgeesten. Ik kreeg het er benauwd van. ‘Ga weg,’  zei ik tegen de geesten zonder het echt te zeggen. ‘Ga allemaal even uit deze kamer’  – en ik dacht ze naar buiten. Nog concreter: ik dacht ze op het schuine dak boven ons. Praten met geesten gaat via beelden, gedachtenstromen, en ook nog eens razendsnel.
Ok, ik was een bezorgde moeder die dolgraag haar dochter’s koortsdemonen weg wilde hebben. En ik was dus ook doodmoe, misschien ik droomde al een beetje. Maar daarna werd het wel een stuk rustiger en viel Dunya eindelijk in slaap.

Categorieën
Verhalen van de berg

Ingeblazen adem van de geest

‘Anna, het is niet goed. Begin maar weer helemaal opnieuw.’ Zo is, een beetje kort door de bocht, de samenvatting van het commentaar van de eerste twee lezers op mijn nieuwe boek-in-wording. Pfft, half jaar werk weg, 50.000 woorden.

Ik wou dat ik een duidelijk beroep had! Iets waarvoor je had geleerd en dat je het dan gewoon kon en elke keer een beetje beter. In plaats daarvan maak ik het mezelf alleen maar steeds moeilijker, lijkt wel. Nu was dit nieuwe boek misschien ook wel een beetje te complex en persoonlijk en ben ik, als ik schrijf, niet erg goed in zelfrelativering.
Want het is niet dat ik niet hard wil werken. ‘Hoe moet het dan wel?’  vraag ik aan de eerste lezers. Ik bedoel: ‘Geef me de toverformule en ik schrijf het, hoe lang het ook duurt.’
Maar dat doen ze niet. Ik heb ze natuurlijk niet voor niks als eerste lezers.

Formule

Inspiratie, ik word zo zenuwachtig van dat woord. ‘de ingeblazen adem van de geest’  zingt Mathilde Santing, prachtig maar o zo heilig.
Dit helpt beter: luisteren naar het verhaal van schrijfster Elizabeth Gilbert over creativiteit. Op een verraderlijk simpele manier leidt ze je soepel terug naar de oudgriekse opvatting van inspiratie: tover – maar dan zonder formule. Het kan je bespringen, je kunt het soms bijna aanraken, maar het komt niet uit jezelf. De schrijver – of zanger of schilder,  eigenlijk iedereen- moet gewoon zijn uiterste best doen, uren maken (‘showing up’  noemt Elisabeth Gilbert het). En dan krijg je af en toe een cadeautje ingeblazen.
Na de gesprekken met mijn eerste lezers was ik deze week dagenlang superchagrijnig en huilerig. En toen, op de vierde ochtend, werd ik heel erg vroeg wakker – en ineens had ik het. Iets. Een nieuwe beginzin. Een idee over een hoofdpersoon die heel anders moest (eigenlijk een bijfiguur die hoofdpersoon moest worden). En een glimp van de sfeer die het verhaal moest hebben.
Dat was het, daarmee ben ik nu opnieuw begonnen. Geen idee of ik nu iets beters ga schrijven, daarvoor moet ik het eerst maken. Maar  ik ben ten minste weer bezig, gedreven door (in de woorden van Elizabeth Gilbert) ‘the sheer human love and stubbornness to keep showing up’.

Soundtrack bij dit blogje, misschien helpt het:
Ted talk Elizabeth Gilbert
http://www.youtube.com/watch?v=86x-u-tz0MA
Liedje uit Joe:
http://www.youtube.com/watch?v=bVb0lAw5ZyE
Breek:
http://www.youtube.com/watch?v=Pjo0dvnRL5s

Categorieën
Verhalen van de berg

Amandelbloesem

Er staat een amandelboom voor mijn huis. En die boom die bloeit en bloeit.

Ineens zijn ze er weer: de bloeiende amandelbomen. Tussen al dat saaie olijfgroen staat het bijna obsceen. Je zou ervan willen trouwen en dan door zo’n bomenlaantje rennen in je witte jurk. Knalblauwe lucht, briesje erbij en het regent overal witrose blaadjes. Ik geloof dat kersenbloesem teerder is, en er bestaat ook bloesem die maagdelijker is of feller rose. Amandelbloesem is vuilwit met in de bloemetjes zelf bijna te rode hartjes en er zitten er overdreven veel aan één tak. Amandelbloesem is schaamteloos wulps.
En die van ons is de allermooiste.

Hoe lief de hond

Ik snap niks van de natuur, weet nog niet het verschil tussen fluitenkruid en berenklauw. Ik kan geen roos snoeien en dat wil ik ook niet kunnen.  Nu ik alweer ruim twee maanden op de berg zit, kan ik snakken naar een paar lekkere uitlaatgassen, het piepen van treinen op de de rails, naar heel veel te snel lopende mensen met haast.
Maar elke keer als ik mijn amandelboom zie, val ik stil. Als ik het hek van de patio opendoe ‘s ochtends en onder die boom door loop, zie ik meteen alles scherper: hoe blauw de lucht, hoe lief de hond in haar hok eronder, en ook hoe stil en hoe fris. En als ik thuiskom en ik stap uit de auto, regent die boom wel honderd bloemblaadje over me heen en dan denk ik: ja.
Hier woon ik. Hier!

Tak

Ik plukte een amandeltak en zette hem op tafel in een vaas. Meteen vulde het hele huis zich met een doordringende honinggeur. Alles begon zoet te smaken, te stinken zelfs van zoetheid. De tak bezweek onder zijn eigen bloemen, viel om, de vaas brak. Goed, je moet dus geen amandeltakken in huis halen.
Maar ik ben wel een beetje bang. We hebben een zachte winter gehad tot nu toe. Andere jaren bloeide de amandelboom op mijn verjaardag, maar dat duurt nu nog bijna twee weken. En nu gaat het ‘s nachts weer vriezen zeggen ze en gaan ze misschien wel doodvriezen, al die duizend dappere bloemetjes.
Wie o wie beschermt mijn amandelboom?

Categorieën
Verhalen van de berg

Zeemanslief

Alleen een hoopje kleren op de bank herinnert nog aan mijn man de tijdreiziger die vandaag weer is vertrokken.

Of het nou Bevrijdingspop is, Dance4Life, of MasterPeace, er zijn altijd grote en geweldige projecten die Ilco van de grond moet tillen. Die hem van mij wegvoeren naar verre plaatsen en belangrijke mensen.

MasterPeace

MasterPeace verzon Ilco in Afrika, ik geloof in Rwanda, tussen de puinhopen van de oorlog. En later aan een keukentafel in Schellingwoude waar we toen logeerden. Ik zag het gebeuren en ik wist: dit wordt groot, heel groot. En ook: daar gaat hij weer.
Wat MasterPeace is, zie je nog het beste in dit filmpje Imagine. Elke keer dat ik ernaar kijk, moet ik er weer van huilen. MasterPeace is wat mensen ervan maken en dat is heel, heel veel. En het wordt alleen nog maar groter. Ik heb me er allang mee verzoend dat ik negen van de tien keer de ‘vrouw van’  ben. En ik voorspel jullie: dat wordt nog veel en veel meer richting de apotheose in 2014.

In een echt bed slapen

Ik zie natuurlijk ook de andere dingen. Ik heb een man die weliswaar heel goed kan pauzeren maar toch 24/7 aan het werk is. Wiens energie voortdurend wordt afgetapt door heel erg veel mensen. En het is niet leuk om hem steeds maar weer uit te zwaaien en niet mee te kunnen op al die reizen.
Toch vrees ik dat het ook wel een beetje is zoals in het verhaal van Karlijn Stoffels over de zeemanslief. Die woont alleen in haar huisje aan zee en mist haar man die steeds maar weer bij haar weggaat ‘want een zeeman houdt nou eenmaal van de zee.’ Uiteindelijk, na vele jaren varen, komt hij dan toch thuis en kunnen ze ‘in een echt bed slapen’, samen.
Maar dan, na een tijdje, vraagt ze hem toch om  weer terug te gaan. ‘Ik houd van je adem omdat de zee erin ruist. Ik houd van de branding die dreunt in het bonzen van je hart. Ik houd van de golven die me optillen als ik in je armen lig. Want een zeemansvrouw houdt nou eenmaal van de zee.’

Categorieën
Verhalen van de berg

De baas van de katholieken

Ergens hebben we geloof ik iets niet helemaal goed uitgelegd tijdens de opvoeding.

Het begint zo onschuldig.
‘Vandaag heb ik het leukste vak van de week,’  zegt Dunya als we samen de berg omlaag lopen naar de schoolbus.
Ik sjok naast haar met de hond (!). Moe (ik, niet die hond) ook een beetje bedwelmd. Dat zijn we allemaal, er is al iets van lente in de lucht en dat komt vooral doordat de amandelbomen bloeien. Overal de geur van honing. En de groenteman heeft al de eerste aardbeien uit Huelga.

Religión

‘Luister je wel, mama? Alternativa is mijn lievelingsvak.’
‘Echt?’
Alternativa is wat Dunya krijgt in plaats van religión. Je kon haar daarvoor inschrijven bij het nieuwe schooljaar – een goeie service want bijna alle kinderen uit haar klas gaan wel naar religión, net zoals dat die kinderen nu al jarenlang worden getraind voor de communie.
‘Leer je bij alternativa dan dingen over andere godsdiensten?‘ vraag ik.
‘Nee, we doen spelletjes,‘  zegt Dunya. ‘Ik en vier zigeuners die ook niet naar religión hoeven. Terwijl de juf haar andere lessen voorbereidt.’
‘Hm. Snap je eigenlijk waarom we liever niet willen dat je naar religión gaat? Begrijp je wat wij lastig vinden van het katholicisme?’
Dunya blijkt het niet te weten, en ook het verschil tussen katholiek en protestant niet.

De Joden

De beste gesprekken hebben wij altijd op dit moment van de dag. Nog steeds omlaag lopend, begin ik aan een korte relicursus, heel verantwoord door middel van vragen.
‘De katholieken hebben soms problemen met mensen die anders zijn,‘  begin ik. ‘Weet je ook met wie?’
‘Met de Joden,’  zegt Dunya.
Dit antwoord is zo verrassend, dat ik snel een paar stappen terug ga in mijn uitleg. Ik zie haar ogen op mistig gaan als ik begin te vertellen dat protestanten en de katholieken allebei in God geloven, maar katholieken ook nog in een baas op aarde… en dat wij dus nogal een hekel hebben aan die man en zijn conservatieve denkbeelden.
Dunya knikt braaf.
‘En weet je ook hoe die man heet?’
Dunya knikt weer. ‘Hitler,’  zegt ze ernstig.

Categorieën
Verhalen van de berg

Veertien

‘Mam, wanneer jij er niet bent, pak ik je laptop en lees stiekem je nieuwe boek. En ook al je mails.’
Mijn vreselijke dochter. Ik denk dat ze bluft, ik weet het eigenlijk wel zeker. Maar Chaia is geweldig in balanceren op grenzen. Mijn grenzen vooral.

Neem deze: ‘Mam, als jij een bestseller schrijft, krijg ik dan een paard? Kom op, dat kan je best beloven, die kans is zo ontzettend klein.’
En: ‘Mam, blijf eens staan, wat heb je nou aan? Twee soorten dierenprinten bij elkaar… eh, ja. Oké. Dat is best wel eh… gedurfd.’
Of ons wonderlijke ochtendritueel. Ik moet Chaia’s haren honderd keer borstelen en er dan staarten of vlechten in maken. Dat wil ze heel graag – en tegelijkertijd doe ik het altijd fout. Ik trek te hard aan haar haar of borstel juist te zacht. Staart te hoog, te scheef, te los. ‘Mam, je gooit allemaal haren in mijn eten.’ Vaak rukt ze mijn liefdevolle werk weer woest los. ‘Laat maar, ik doe het wel zelf.’
Om de volgende ochtend toch weer gewoon klaar te zitten met borstel en elastiekjes.

Mam? Mam!

Mocht ik soms langzaam dreigen weg te zakken in de wazige binnenwereld van het schrijven, dan sleurt Chaia mij er op volle kracht weer uit. ‘Mam, je moet mijn nieuwe danspassen zien. Snap je je hoe moeilijk? Kijk je wel? Mam, luister eens welk lied ik nu kan op de gitaar. Nee, die ging niet goed, het moet nog een keer. Luister nou. Hoorde je het wel? Mam! Mam! Mam, wist je dat …
Want Chaia is ook van de weetjes. Alles slaat ze op in dat superslimme brein van haar dat altijd alle kanten op schiet. Voor haar verjaardag heeft ze alles ook al uitgestippeld: welke paardenboeken ze wil krijgen, wat ze wil eten (Nederlandse koekjes, patat, appeltaart) ‘ en je moet nu even bellen met de moeder van Elena om nog een keer te vragen of ze mag blijven slapen. Nu dus, mam, nu.’

Oma’s

Elena boft maar – en sowieso iedereen die Chaia’s vriendin is, in Nederland en in Spanje. Chaia kan namelijk onvoorstelbaar lief zijn. Voor haar vriendinnen die ze altijd cadeautjes geeft. Voor dieren; hoe koud het ook is, Chaia gaat meerdere keren per dag checken hoe de zwerfhond en de zwerfkatten erbij zitten en even met ze ’trainen’. Voor haar oma’s: als ze in Nederland is, haalt Chaia mijn moeder op uit het tehuis om samen poffertjes te gaan eten – soms duurt dat wel de hele dag. En voor haar vader die elke keer als hij weer op reis gaat, lieve briefjes vindt in zijn koffer.
Maar gisteren had ik er zelf ook eentje, zo’n briefje. Ik was zo gruwelijk vastgelopen met mijn nieuwe boek dat ik ervan moest huilen, precies toen de meisjes uit school kwamen. Ik stond in de keuken te doen alsof er niks aan de hand was, maar ze zagen het natuurlijk heus wel.
En toen ik later toch maar weer naar mijn computer liep, lag er een briefje op: ‘Geef niet op & schrijf lekker door! xxx C’

Vandaag wordt ze veertien, mijn vreselijke dochter. Van wie ik zo vreselijk, vreselijk vreselijk veel houd.